Een Strategisch Bolwerk uit de Nazarí-Tijd
Het dorp ligt zeer strategisch hoog gelegen tegen een steile bergrug. Vanaf deze positie geniet men van een weids en helder uitzicht over een diep dal waar de rivier de Lanjarón doorheen stroomt. Vanwege deze perfecte militaire ligging werd hier in de Nazarí-tijd een machtige burcht gebouwd. We schrijven hiervoor de dertiende eeuw, om precies te zijn het jaar 1231. Deze specifieke streek vormde destijds de vitale toegangspoort naar de ruige Alpujarras en de Sierra Nevada, met daarachter natuurlijk de ultieme schat van Andalusië: de stad Granada.
De Opstand van de Moriscos en Koninklijke Strijd
Toen Granada in 1492 definitief werd veroverd door de christelijke koningen, mochten de Moren in eerste instantie blijven. Zij werden echter gedwongen om zich te bekeren tot het christendom of het land permanent te verlaten. Dit strenge beleid leidde langzaam tot diep ongenoegen. In 1499 brak de eerste felle opstand uit door de Moriscos, zoals de bekeerde Moren destijds werden genoemd. Het Kasteel van Lanjarón transformeerde al snel in een geliefd toevluchtsoord voor deze rebellerende Moren.
In maart van het jaar 1500 verschansten ongeveer driehonderd Moriscos zich binnen de dikke kasteelmuren. De daaropvolgende strijd was zo intens en hevig dat koning Fernando de Katholieke hoogstpersoonlijk naar Lanjarón reisde om de leiding over de christelijke troepen op zich te nemen. Hoewel de opstand bloedig werd neergeslagen, keerde de rust slechts tijdelijk terug; in december 1568 volgde er namelijk weer een grote, nieuwe rebellie in de regio.
Verval, Restauratie en Praktische Bezoektips
In het jaar 1592 viel definitief het doek voor de militaire burcht. Het complex werd vanaf toen niet meer als officiële vesting gebruikt. In de eeuwen die volgden kreeg het kasteel diverse andere bestemmingen, maar door verwaarlozing bleef er helaas steeds minder van het bouwwerk over. In 2006 werd er met overheidsgeld een grootschalige restauratiepoging gestart. Dit was een kostbaar project van in totaal 450.000 euro, al was daar ten tijde van ons bezoek in 2015 eerlijk gezegd niet heel veel meer van te zien.
Desondanks is een wandeling naar de kasteelruïne absoluut de moeite waard vanwege de spectaculaire ligging en de rijke historie. De entree tot het monument is bovendien volledig gratis (de toegangshekken hangen er in de praktijk vaak los naast). De resterende wandelroute naar de top en de toegang tot het kasteel zijn voor bezoekers relatief veilig en goed begaanbaar.